ࡱ> M bjbj==%WWlFFFFFFF%%%%,%tHF2h&$'''''&*f+\EEEEEEE$zG IEF+''++E9FF''F999+v F'F'E9+E99H@DFFE'\& ts""%85^EEF0HFE J8 JE9ZFFFFWat is het Leesprogramma? Het jaarlijks terugkerende Leesprogramma beoogt het lezen van kinderen te stimuleren. Dit door hen een kleine beloning te geven voor het lezen (en verwerken) van vijf boeken. Aan dit programma, dat de bibliotheek kan uitvoeren op een vrij te bepalen moment, doen jaarlijks ongeveer 100.000 kinderen mee. Elk Leesprogramma kent een thema. Het thema van het Leesprogramma 2003 is waar of niet waar: onder het motto Waar gebeurd? worden kinderen op het spoor gezet van verhalen die echt gebeurd zijn, of kunnen zijn, maar waarbij de lezer nt even kan aarzelen: klopt dit wel? Worden hier niet fantasie en werkelijkheid door elkaar gehaald? Gaat het misschien om een droom? Dan zijn er ook nog verhalen over de droevige waarheid: oorlog, mishandeling, kinderarbeid, echt zielige zaken dus. Daarnaast zijn verhalen geselecteerd, waarbij het met de waarheid niet zo nauw wordt genomen en verhalen waarin echt nogal wat bij elkaar verzonnen wordt. Tenslotte wordt naar de waarheid gezocht in een aantal speurders- en detective verhalen. Alle achtergrondinformatie over het Leesprogramma kunt u vinden in het Handboek Bibliotheekwerk voor 4 tot 12-jarigen (Biblion, 2001). U vindt daarin algemene suggesties voor aanpak, werkwijze en samenwerking met scholen, inclusief modellen die handig zijn voor de uitvoering. We geven hiervan een  HYPERLINK "http://www.nblc.nl/showfile/showfile.asp?file=517Voorbeeld_handboek_persbericht.doc&DOC=doc&DOCType=0" voorbeeld. (u vindt dit voorbeeld ook als document bij leesprogramma op de website). Op deze webpagina treft u specifieke informatie aan over het thema van 2003. Bij Truuske Sanders,  HYPERLINK "mailto:"  , kunt u terecht met vragen, wensen en suggesties. Het document is als volgt ingedeeld: -  HYPERLINK \l "_De_materialen" De materialen -  HYPERLINK \l "_Aankleding_van_de" Aankleding van de ruimte -  HYPERLINK \l "_Introductie_van_het" Introductie van het Leesprogramma -  HYPERLINK \l "_Algemene_verwerkingssuggesties" Algemene verwerkingssuggesties -  HYPERLINK \l "_Suggesties_bij_afzonderlijke" Suggesties bij afzonderlijke boeken -  HYPERLINK \l "_Introductieles_voor_groep" Introductieles voor groep 1 / 2 -  HYPERLINK \l "_Introductieles_voor_groep_1" Introductieles voor groep 3 / 4 -  HYPERLINK \l "_Introductieles_voor_groep_2" Introductieles voor groep 5 / 6 -  HYPERLINK \l "_Introductieles_voor_groep_3" Introductieles voor groep 7 / 8 De titellijst is afzonderlijk te downloaden (zie website  HYPERLINK "http://www.nblc.nl/projecten/show.asp?PRO_ID=77&DEP_ID=3" www.nblc.nl / leesprogramma). Eind december volgt een lijst met aanvullingen. Delen of fragmenten uit dit document mogen door bibliotheken - in het kader van het Leesprogramma 2003 - gebruikt worden ter ondersteuning van hun aanbieding aan het onderwijs. De materialen Biblion heeft op advies van de Werkgroep Leesprogramma van NBLC Vereniging van Openbare Bibliotheken materialen ontwikkeld, die ingezet kunnen worden bij de uitvoering van het Leesprogramma. De materialen zijn aangeboden via BiblionNieuws (september 2002) en staan beschreven op de website van Biblion:  HYPERLINK "http://www.biblion.nl/producten/leesprogr2003.html" www.biblion.nl Poster Ook journalisten zijn altijd op zoek naar de waarheid. Journalisten en de krant spelen dan ook een belangrijke rol in de materialen die Biblion dit jaar bij het Leesprogramma heeft ontwikkeld. Illustrator Daan Remmerts de Vries maakte een presentatieaffiche, waarin zowel het thema als het journalistieke aspect terug te vinden zijn. Wervingsaffiche Op de een van het presentatieaffiche afgeleide wervingsaffiche kunnen de eigen activiteiten van de bibliotheek worden bekend gemaakt. Tip Gebruik het gedeelte waarin u uw eigen programma aankondigt op een fantasievolle manier, maar houd daarbij de leesbaarheid goed in het oog. Deelnemerspasjes en -stickers Voor de deelnemers zijn er kleurige deelnemerspasjes (in de vorm van een perskaart) en bijbehorende stickers (met fototoestelletjes) ontworpen die goed aansluiten bij thema en de poster. De stickers worden op de pasjes geplakt. Voor elk gelezen boek kan er een stikker op de pas worden toegevoegd. Tip Het volmaken van het pasje is geen doel op zich. Ook minder grage en geoefende lezers leveren een prestatie, ook al lezen ze maar n boek! Oorkonde Een volle deelnemerspas (met vijf stickers voor vijf gelezen boeken) is goed voor het ontvangen van een oorkonde. Cadeautje Voor de doorlezers is er een leuk cadeautje beschikbaar. Een geheimzinnig houten doosje met een vraagteken op het deksel, dat na opening direct de vraag oproept: waar of niet waar? In het doosje zit namelijk een klein namaakkevertje dat begint te trillen zodra je het doosje openmaakt. Maar behalve dat is het doosje ook een puntenslijper. Een onmisbaar attribuut voor een verslaggever! Verwerkingsmaterialen Voor de onderbouw is er een uitnodigend en aantrekkelijk uitgevoerd verwerkingsblad waarop de kinderen hun eigen krant of tijdschrift kunnen samenstellen, door te knippen, plakken, tekenen, kleuren, schrijven etc. Voor de bovenbouw is er een aan het presentatieaffiche gekoppelde verhalenwedstrijd: maak het verhaal dat op het affiche wordt begonnen, af. Dat kan worden gedaan op een vrolijk uitgevoerd verwerkingsblad. Keuzelijsten Er zijn twee miniaffiches, die veel weg hebben van muurkranten. Een voor de bovenbouw en een voor de onderbouw, beide met goed bij het onderwerp passende titels. In beide keuzelijsten zijn een aantal Makkelijk Lezen boeken opgenomen. Aankleding van de ruimte Trek de aandacht van het publiek door gebruik te maken van de posters en het aankondigingsaffiche. De ruimte kan verder worden aangekleed met bijvoorbeeld een leugenbankje: een bankje waarop roddels uitgewisseld kunnen worden. Leg er wat zogeheten roddelbladen en kranten naast. Of maak een verteltafel, met daarop voorwerpen waar een mooi verhaal aan zit (of gehecht kan worden!). Met behulp van de verwerkingsbladen kan de bibliotheek tijdens de looptijd van het programma steeds verder worden versierd. Hang de fraaiste bijdragen aan een lijn door de ruimte. Maak desnoods zelf een bescheiden begin. Dat inspireert kinderen wellicht om ook aan het Leesprogramma mee te doen. Visser vangt een snoek van 90 pond! Met behulp van een prikbord kan een muurkrant vol berichten worden gemaakt. Kinderen kunnen hier zelf verzonnen nieuwtjes kwijt. En natuurlijk moet er flink met de waarheid gestoeid worden! Introductie van het Leesprogramma Het programma voorziet in een aantal uitgewerkte introductielessen, die op school of in de bibliotheek kunnen plaatshebben (zie bij lessuggesties). U kunt het programma natuurlijk ook op uw eigen manier introduceren: door het tonen van een videofilm of door fragmenten voor te (laten) lezen uit de boeken rond het thema. Leuke films in dit verband zijn: Kids of the round table (Nederlands ondertiteld; 90 min.; 9+), Minoes (Warner Home Video; 90 min.; 6+) of voor iets oudere kinderen: Tom & Thomas. Er zijn ook geschikte cd-roms, die door de kinderen in de bibliotheek kunnen worden gebruikt. Voor de kleinsten is er de fascinerende cd-rom MidderNachtSpel, naar het gelijknamige boek van Kveta Pacovsk (Keec; 4+). Cd-roms waarmee naar de waarheid gespeurd kan worden zijn: Waar ter wereld is Carmen Sandiego? (TLC Domus; 10+) en De zaak van de zwarte tulp (Bruna MultiMedia; 10+) Aansluitend bij het thema zijn digitale kinderkranten: Kidskr@nt en Kanjerkr@nt (Zwijsen). Ze zijn helaas niet geschikt voor gebruik in de bibliotheek, doordat de kranten persoonsgebonden zijn: wie bij ingebruikname wordt aangemeld blijft vervolgens eigenaar van de cd-rom. De kranten bevatten o.a. een nieuwsrubriek, een agenda, een rubriek met wetenswaardigheden, een receptengedeelte, een verjaarskalender, een dagboek en een plakboek. Voor een aantal rubrieken van de krant kan regelmatig vulling van het - bij installatie van de cd-rom beveiligd - internet gehaald worden. Kinderen vinden het leuk verschillende soorten optische trucs te doen. Een wat ouder boek, maar wellicht nog in de bibliotheek aanwezig, is De magie van optische illusies (Katherine Joyce, Deltas, J 415.2). Hierin worden optische trucs beschreven, onderverdeeld in: gezichtsbedrog, verborgen plaatjes, schaduwbeelden, trucjes met gezichtsbedrog, magische goocheltrucs, gevoelsbedrog en alledaagse illusies. Op de website van Het Klokhuis vindt u een uitgewerkt programma over dit onderwerp. Kijk op  HYPERLINK "http://www.hetklokhuis.nl/lees/dossiers/read/dossier_pagina.cfm?did=78EA0D30%2D6C76%2D4332%2D85FB105BA2EAB197&pnr=10" www.hetklokhuis.nl/lees/dossiers. Een dossier boordevol inspiratie! Voor kinderen die (nog) moeite hebben met lezen kunt u wellicht de nadruk leggen op de informatieve boeken. Bij dit onderwerp zijn deze heel goed te gebruiken en juist hen krijgt u misschien enthousiast met boeken waarin wat minder de nadruk ligt op de tekst, en meer op de illustraties. In de groslijst en de keuzelijsten (Biblion) worden de informatieve titels iet apart genoemd. Wel zijn er titels voor deze doelgroep opgenomen, voorzien van de aanduiding ML. Algemene verwerkingssuggesties Knutselen - Kinderen kunnen collages maken en daarin met de waarheid manipuleren (vergelijk het aanbiedingsaffiche van Daan Remmerts de Vries, waarop een kind en een monster zijn afgebeeld). - Laat kinderen een huis knutselen zoals in Je gelooft je ogen niet van Joan Steiner. Daar zijn huizen gebouwd van alledaagse dingen op een zeer verrassende, wonderbaarlijke manier. Wie weet gaan de huizen samen wel een hele straat vormen. - Kinderen kunnen maskers maken van kinderboekfiguren waaraan iets niet klopt: Pipi Langkous met de neus van Pinokkio of Tijl Uilenspiegel met een brommerhelm. Een leuk hulpmiddel daarbij is het boek Maskers maken van Ray Gidson (Usborne; J 624.9). Met behulp van een scala aan materialen (klei, karton, folie) kunnen de leukste maskers worden gecreerd. Het boek bevat patronen, een beschrijving van de benodigdheden en geeft een duidelijke, stapsgewijze uitleg. - Laat kinderen zichzelf tekenen, maar dan hoe zij zichzelf het liefste zien: met krullen in plaats van stijle sprieten, met sproetjes of zonder die nare bril. Zo maken ze maken hun eigen werkelijkheid! Vertellen - Kinderen vertellen in de kring over hun dromen: waar droom je van, hoe zou je er later uit willen zien, hoe ziet jouw droomhuis eruit? Zijn dromen echt bedrog? - Doe met een aantal kinderen het fluisterspel. Spreekt de laatste die een zinnetje doorgefluisterd krijgt nog wel de waarheid? Wat is er over van het oorspronkelijke bericht? - Vraag kinderen of ze sterke verhalen kennen, of nodig een verteller uit die met stoere verhalen komt. Ongevenaard in het vertellen van gekke verhalen is Gerard Brands in Meneer Beck gaat even een krant kopen (Querido). Voorlezen - Laat kinderen aan elkaar een gedicht voorlezen of een fragment uit een van de boeken van de lijst (of uit een zelf gekozen boek!). Geloof je wat er verteld wordt? Geschikt hiervoor zijn vooral de verhalen van bekende opscheppers als Pippi Langkous of leugenaars als Pinokkio. Maar ook bijvoorbeeld Robbie en zij gave tantes van Alan Temperley (Van Goor), waarin de twee lieve tantes lid zijn van een oplichtersbende! Voor kinderen vanaf ca. 10 jaar verscheen Het geheim van de filosoof van Stephen Law (Prometheus). Daarin staan veel bizarre geschiedenissen, bijzondere feiten en ongeloofwaardige zaken. Of vraag een auteur voor te lezen uit eigen werk (via SSS te regelen). Schrijven - Kinderen kunnen zelf leugenverhalen schrijven: sterke verhalen, verhalen over de gedroomde werkelijkheid, zielige verhalen of een spannende detective. - Laat kinderen een eigen roddelblad of krantenpagina maken met veel zaken die uit de duim gezogen zijn: berichten (Prinses Maxima is zwanger!; rouwadvertentie van een 156-jarige; het Monster van Loch Ness is op de foto gezet) en eventueel strips; reclames; het weerbericht etc. En nog meer... - Voer een waarheidstest uit: maak daarbij gebruik van een voorwerp (feestartikelenwinkel) dat verkleurt wanneer het verwarmd wordt (door het in de hand te houden of erover te wrijven). - Organiseer een quiz. Maak hierbij gebruik van het boek Raar maar waar! (Deltas), waarin vragen en antwoorden over allerlei onderwerpen per thema zijn gerangschikt of van Kolet Janssen, Waarom? Eerlijke antwoorden op moeilijke vragen (Davidsfonds/Infodok). - Ook te koop bij de feestartikelenwinkel: veranderplaatjes, waarop door een kleine beweging een andere voorstelling verschijnt. Misschien iets moeilijker te krijgen zijn de ansichtkaarten waarop twee voorstellingen staan die tevoorschijn komen door de kaart te bewegen. - Organiseer een look-alike festijn in de bibliotheek. Dit kan door zich te verkleden, maar met alleen schminken kan ook veel bereikt worden. - Organiseer een project met bovenbouwers: kaftje kijken (fragmenten en boekomslag bij elkaar zoeken), titel-husselen (twee titels door elkaar husselen tot een nieuw geheel), een quiz met vragen uit de boeken rond het thema. - In het boek Doe je mee?(Casterman) staan allerlei spelletjes, waaronder vertel-, raad- en fantasiespelletjes. Zo geeft het tips voor het maken van een droomlandschap of voor het spel wie is de moordenaar?. - Op het Leesplein vindt u een quiz, met vragen uit de boeken rond het thema van het Leesprogramma. De quizvragen kunnen door kinderen vanaf ongeveer 8 jaar worden beantwoord. Ieder kwartaal zal de quiz vernieuwd worden, zodat het ook in de loop van het jaar spannend blijft! Kijk op HYPERLINK "http://www.leesplein.nl/page.php?id=39&plein=KB"www.leesplein.nl, onder: Kinderboekenplein / Spelen / Kennisquiz. En tot slot - Fantasie en werkelijkheid ineen: vraag een goochelaar een act in de bibliotheek op te voeren. Dit kan een leuke afsluiting betekenen van een geslaagd Leesprogramma! Lees ter introductie voor uit: Allemaal bedrog, van Gerard Brands (Querido). Daarin staan ook verhalen over echte oplichters! Voor een leuke afsluiting kunt u ook een theatergroep uitnodigen. Kindertheater Van Niks & Van Alles heeft vanaf maart 2003 een programma rond het nieuwe thema van het Leesprogramma. Voor informatie: Janine Vriens, tel. (0499) 39 57 92 of via  HYPERLINK "http://home.hetnet.nl/~janinevriens" http://home.hetnet.nl/~janinevriens. Suggesties bij afzonderlijke boeken Door Cora Knig Lauren Child Bang voor de boekenwolf (AK) Als op een avond twee wolven uit Erics sprookjesboek ontsnappen, roept hij de hulp in van een goede fee. Lukt het Eric de wolven te verslaan? Voorlezen Lees het hele prentenboek voor en laat de tekeningen zien. Denken, praten - Wat zou jij doen als er een wolf uit een sprookjesboek ontsnapte? - Kan jij ook smoesjes bedenken om te zorgen dat de wolf je niet opeet? - Hoe kon je in dit verhaal merken dat de wolven gemeen zijn? (ze gluren gemeen, kwijlen, hebben een diepe, gruwelijke stem en vals flikkerende ogen) - Zijn wolven in het echt ook zo vals? (nee!) - Welke sprookjes heb je in dit verhaal nog meer gehoord? (Doornroosje, Assepoester, De wolf en de drie biggetjes, de Kikkerprins, Roodkapje) Doen Laat de kinderen de wolven uitbeelden met vals flikkerende ogen, laat ze gemeen gluren en een diepe, gruwelijke stem opzetten. Van de een na laatste tekening (Eric in zijn bed op een stapel boeken) kan je door overtrekken een kleurplaat maken, die de kinderen kunnen inkleuren met kleurpotloden of met behulp van collagetechniek versieren. Gebruik hiervoor papier met verschillende dessins. Anke de Vries Liegbeest (A) Lucas is een echt rotjochie, en Fleur kan het weten. Ze wonen in dezelfde straat. Altijd schept Lucas op. Gelukkig komt er een nieuw meisje wonen: zij weet wat je met opscheppers moet doen! Voorlezen Blz. 5 en 6, 10 t/m 13 en 17 t/m 21. Denken, praten Houd met de klas een kringgesprek over het verschil tussen liegen en opscheppen: - wanneer lieg je en wanneer schep je op; - wat vind je van liegen; - en wat van opscheppen; - wie schept er wel een op over iets; - waarover kan je opscheppen. Doen Speel in de kring het fluisterspel. Fluister in het oor van het eerste kind een zinnetje. Het kind geeft dit, ook fluisterend, door aan het volgende kind. En zo door tot de hele kring geweest is. Laat het laatste kind hardop zeggen wat hij/zij heeft gehoord. Vertel dan wat de oorspronkelijke zin was. Laat ieder kind, die dit durft eens een lekker potje opscheppen over zichzelf voor de groep. Gerrie Huiberts Piraat op straat (A) Alle door Pim verzonnen belevenissen worden door zijn broer Bastiaan belachelijk gemaakt. Daarom mag Bastiaan niet mee als Pim een uitnodiging van een piraat krijgt. Voorlezen Blz. 19 t/m 28. Denken, praten - Pim dacht dat Marinella en Ole een echte zeemeermin en piraat waren. Waarom dacht hij dat/ waar kon hij dat aan zien? - Waren ze ook echt een zeemeermin en piraat? Waarom niet? - Bestaan er eigenlijk wel echt zeemeerminnen? En Piraten? - Wat doen piraten eigenlijk? Voorlezen Blz. 29 t/m 32. Doen - Schrijf een brief aan een piraat of maak een mooie tekening. Doe de brieven in flessen en stuur ze met de flessenpost de wereld rond. - Organiseer een zeemeerminnen- en piratenfeest. Frans van Houwelingen De fles in de boom (B/ML) Bas en Kris gaan voor het eerst zonder hun ouders op vakantie. Naar Vlieland. Tijdens een fietstocht vindt Kris in een holle boom een fles. In de fles zit een papier. Wat is het? Is het een brief? Is het geld? En. wie is de geest uit de fles? Voorlezen Blz. 6 (De jongens rijden weg...) t/m 10 (Snel rijden ze naar het dorp...) en blz. 14. Denken, praten, doen - Vorm in de klas kleine werkgroepjes en laat deze met elkaar het vervolg van het verhaal bedenken en opschrijven. Ieder groepje leest zijn verhaal voor. Vertel daarna in het kort hoe het boek afloopt (of lees het hele boek voor!). - Zet in de school of de omgeving van de school een speurtocht uit d.m.v. flessenpost. Stuur om de beurt een groepje op pad en klok de tijd van vertrek. Geef de eerste instructie op school. In iedere fles die de groepjes vinden, zit een volgende instructie. Maak de instructies zo dat ze goed te onthouden zijn. De instructies mogen niet meegenomen worden maar moeten in de fles blijven zitten. Het groepje dat de tocht het snelst maakt is winnaar. Boel Werner KLIK! (B) Lina heeft een moeder die een klein beetje dik is en een vader die altijd met oude lelijke spullen bezig is. Linas opa is heel erg leuk. Hij geeft haar een fototoestel waarmee ze zoveel fotos mag maken als ze wil. En dat doet Lina. Samen met haar beste vriendje Robert gaat ze op pad om zich te documenteren. Met zn tween belanden ze in een hoop komische situaties. Voorlezen Blz. 13 t/m 17, blz. 38 (laatste alinea) t/m 30 (eerste alinea), blz. 82 t/m 85. Denken, praten Praat in de klas over fotograferen: - Wie heeft er een fototoestel of heeft er wel eens gefotografeerd? - Lukken die fotos altijd? - Fotos zeggen/tonen altijd de waarheid. Of niet? - Wanneer dan niet? (bijvoorbeeld in bladen als Prive) Doen - Geef alle kinderen in de klas een wegwerpfototoestelletje en laat ze gedurende een dag hun eigen leven fotograferen. Laat de fotos ontwikkelen en laat ieder kind op een groot kartonnen vel een presentatie maken met de fotos en teksten. (Een dag uit het leven van.). - Maak van de presentaties een tentoonstelling in de school. Jacques Weijters Lekker slapen? (B) Vaak denk je: Ha lekker slapen, heerlijk dromen. Maar soms gaan de dingen anders. Heel anders. Dan wordt je droom een regelrechte nachtmerrie. Een waanzinnige werkelijkheid wacht op je Voorlezen Hoofdstuk 4 Nada (blz. 35 t/m 39). Denken, praten Praat met de groep over dromen: - Iedereen droomt wel eens eng; waarover dromen zij? - Zijn dromen altijd waar? - Wat is dromen eigenlijk? Doen - Maak met de klas een dromenboek. Ieder kind schrijft een droom die hij/zij wel eens heeft gehad (mag eng zijn maar ook mooi of grappig). - Alle verhalen kunnen worden gekopieerd en gebundeld zodat ieder kind een eigen exemplaar kan krijgen. Introductieles voor groep 1 / 2 Door Marleen Schepers Benodigde tijd: 1 uur Plaats: bibliotheek Door wie: bibliothecaris Benodigdheden - Julia Donaldson, De Gruffalo (A) - Afbeelding of beeldje van muis, uil, vos, slang. - Vellen A3 papier, kleurpotloden. - Grote doos, beplakt met wonderlijke afbeeldingen of, een Kamishibai, hierin de muis, uil, vos, slang. Voor het ontvangen van de groep is het, om een mysterieuze sfeer te creren, leuk om een aantal posters ondersteboven te hangen, een paar stoelen ondersteboven neer te zetten, een aantal boeken andersom in de kast zetten etc. Kortom: er gebeuren rare dingen in de bibliotheek, wat is er aan de hand? Programma Introductie (de benodigde tijd is afhankelijk van het doel van het bezoek) Nadat de kinderen in de bibliotheek hebben rondgekeken, en sommige slimmeriken al ontdekt hebben dat sommige dingen niet zo zijn zoals ze behoren te zijn, praat je over de bibliotheek ( 20 minuten) en het Leesprogramma (10 minuten). De doos of Kamishibai staat bij je in de buurt en af en toe maak je daar een spannende opmerking over bijvoorbeeld: hoe komt dit nu hier, wat zou er in zitten, kan het open? Na het gesprek vraag je een dapper kind om de doos/het kastje open te maken. Wie Durft? Eerst haal je de muis, vos en slang tevoorschijn. Er volgt een gesprek over deze dieren, en dan vraag je de kinderen welk dier er bang voor deze dieren is. Dat is natuurlijk de muis. Wat moet een muis doen als er een slang, vos of uil bij hem in de buurt komt? De kinderen hebben allerlei creatieve opmerkingen, maar de oplossing van het boek zal er niet bij zitten. (10 minuten) Voorlezen Lees het boek De gruffalo voor. - Bespreek het verhaal: de muis is wel erg slim. Wie bluft zelf ook wel eens en ben je dan niet zo bang? Verwerking - Vouw de A3 vellen in drieen. - Verdeel de groep in groepjes van drie. De drie kinderen maken samen een nieuw monster, de een de kop, de ander het lijf, de derde de benen. (Dit moet duidelijk getoond worden, ook is het handig om streepjes te zetten aan de uiteinden van elk gedeelte, zodat kinderen wel tot aan het eind van hun stuk papier doortekenen, om zwevende monsterhoofden en -voeten te voorkomen) - Het leukste monster kan worden uitgezocht om in de bibliotheek op te hangen. - De kinderen die niet aan het tekenen zijn, zoeken een boek uit van het Leesprogramma. Afsluiting Vertel hoe het Leesprogramma verloopt in de komende tijd en laat de leerlingen een boek uitzoeken. Op de boekentafel liggen verhalende, informatieve en pozietitels die bij het thema Waar gebeurd? Alle kinderen krijgen een persoonlijke deelnemerspas waarop ze vijf stickers kunnen verzamelen door boeken te lezen. Controleer met een vraag of de kinderen het boek gelezen hebben. Bijvoorbeeld: Hoe weet je dat dit verhaal waar gebeurd is of zou kunnen zijn? Vraag af en toe een kind voor de klas te vertellen over het boek wat hij/zij leest of net heeft gelezen. Tijdens gesprekken in de klas merken kinderen welke boeken ze nog willen lezen. Alle kinderen kiezen nu hun eerste boek voor het Leesprogramma. De volgende gedichtjes kunnen gebruikt worden, met de afsluitende opmerking: is het waar gebeurd? - De brandweer-olifant. Uit: Marianne Busser - Het grote versjesboek, blz 64. - Het mannetje Fop. Uit: Annie M.G. Schmidt - Ziezo, blz. 88. Introductieles voor groep 3 / 4 Door Karen Bertrams Plaats: op school Door wie: of leerkracht Benodigdheden - Crockett Johnson, Paultje en het paarse krijtje (AK) - Bart Demyttenaere, Als ik groot ben (AA2) - Een paars krijtje. Programma Voorlezen Lees het boek Paultje en het paarse krijtje voor. Inhoud: Paultje creert met zijn paarse krijtje enkele lijnen waardoor hij s nachts allerlei avonturen beleeft, maar tenslotte weer vredig dromend in zijn eigen bedje belandt. Prentenboek met eenvoudige tekeningen in paarse lijnen. - Zorg dat de illustraties voortdurend zichtbaar zijn tijdens het voorlezen. De kinderen kunnen worden uitgenodigd op sommige momenten zelf het verloop van het verhaal te raden. - Vraag de kinderen of ze zelf wel eens verhalen verzinnen, bijvoorbeeld als ze s avonds in bed liggen en nog niet kunnen slapen. Praat daarna over welke dingen WEL en wat NIET echt kan gebeuren en bespreek een aantal boeken uit het Leesprogramma. Rubriceer ze eventueel samen met de kinderen; wel en/of niet waar gebeurd. - Laat de kinderen kiezen wat ze leuker vinden: pure fantasie, dingen die juist echt gebeurd zijn of een mengvorm. - Welk soort boeken lezen ze het liefst? De klas kan worden ingedeeld naar voorkeur voor bepaalde boeken! (Voorbeeld : Carry Slee (waar gebeurd) - Hans Christian Andersen (fantasie) - De Schuberts (mengvorm). Verwerking Naar aanleiding van het boek zijn er verschillende mogelijkheden om met de groep te werken. De kinderen verzinnen en tekenen op Paultjes manier, samen of individueel, een (stuk van een) verhaal, waarbij ze hun voorkeur voor fantasie of werkelijkheid laten zien. - De kinderen maken samen in de klas op het bord een verhaal. Paultje kan uit het boek worden gekopieerd en uitgeknipt of door een van de ster-tekenaars van de klas op het bord worden getekend. Vervolgens tekenen steeds drie kinderen (per dag) op het linker midden rechter gedeelte van het bord drie scnes uit hun zelfverzonnen Paultje-avontuur. Een paars krijtje is hierbij onmisbaar! Variatie: kinderen tekenen met (paarse) stift op sheets van een overheadprojector! - Kinderen maken individueel een dag (of nacht) zoals zij die graag zouden beleven als ze zon paars toverkrijtje hadden. Het kan in een schriftje, gekocht of zelfgemaakt. Maar ook met verschillende tekenprogrammas op de computer (Paint), in een powerpoint of op stukjes calqueerpapier die later in diaraampjes worden gedaan. Er kunnen allerlei technieken en toepassingen worden gebruikt. - Kinderen kunnen ook het verhaal eerst schetsen en later uitwerken in technieken als bijvoorbeeld linoleumsnede. Ook de ramen in de klas lenen zich goed voor een nieuw Paultje-verhaal! - Een illustrator wordt uitgenodigd (kan ook een ouder/leerkracht/etc. zijn die goed kan tekenen) om het verhaal dat de kinderen verzinnen op bord/flap-over te tekenen. - Kinderen werken in groepjes van twee en tekenen en verzinnen samen een verhaal. - Kopieer de bladzijden van het boek en laat de kinderen de tekeningen bijvoorbeeld met ecoline heel mooi inkleuren. - De eindresultaten lenen zich goed om een mooie PAULTJE EN HET PAARSE KRIJTJE expositie van te maken. Op ouderavonden en in de bibliotheek zal het werk herkend worden; het boek is een heruitgave van het oorspronkelijke in 1955, vertaald door Annie M.G. Schmidt! Voorlezen Lees het boek Als ik groot ben van Bart Demyttenaere voor. Inhoud: Wat wil Daan worden als hij groot is: boer of prins of iets anders? Per beroep (10) een grote illustratie van Daan met drie stukken tekst (AVI2). In de eerst kolom droomt Daan over hoe het is om dat beroep te hebben, in de tweede speelt mama met hem mee en in de derde overdenkt Daan waarom hij het toch maar niet zal worden. - Lees samen met de kinderen een gedeelte van het boek. Neem eventueel meer exemplaren mee zodat ze in groepjes kunnen meelezen! - Praat met de kinderen over welk beroep ze willen hebben als ze groot zijn, of het echt kan of dat ze iets willen worden dat (nog) niet bestaat. Bijvoorbeeld: drakentemmer, heks. - Introduceer naar aanleiding van fantasie/echte beroepen een aantal boeken uit het Leesprogramma. Kunnen de verhalen in de boeken wel of niet echt gebeurd zijn? Wat lezen de kinderen het liefst? Verwerking Maak met de hele klas een beroepenboek Als ik groot ben. De kinderen schrijven zelf een verhaaltje over hun toekomstige beroep. Daarna maken ze er een mooie illustratie bij, bijvoorbeeld met vetkrijt en ecoline, of een collage. Afsluiting Vertel hoe het Leesprogramma verloopt in de komende tijd en laat de leerlingen een boek uitzoeken. Op de boekentafel liggen verhalende, informatieve en pozietitels die bij het thema Waar gebeurd? Alle kinderen krijgen een persoonlijke deelnemerspas waarop ze vijf stickers kunnen verzamelen door boeken te lezen. Controleer met een vraag of de kinderen het boek gelezen hebben. Bijvoorbeeld: Hoe weet je dat dit verhaal waar gebeurd is of zou kunnen zijn? Vraag af en toe een kind voor de klas te vertellen over het boek wat hij/zij leest of net heeft gelezen. Tijdens gesprekken in de klas merken kinderen welke boeken ze nog willen lezen. Alle kinderen kiezen nu hun eerste boek voor het Leesprogramma. Introductieles voor groep 5 / 6 Door Matty Dekkers Plaats: bibliotheek of school Door wie: bibliothecaris of leerkracht Benodigdheden - Stefan Boonen, Mijn mama is een cowboy (B) - Joke van Leeuwen, Kukel (B) - Schrijfpapier en pennen of tekenpapier, potloden en kleurpotloden/stiften; facultatief: diverse uiteenlopende knutselmaterialen. Programma Vertel iets over het thema van het Leesprogramma. Dit jaar zijn de verhalen echt gebeurd of kun je hier toch aan twijfelen? Voorlezen In het boek Mijn mama is een cowboy moet flink naar de waarheid gezocht worden. Inhoud: Tessas mama is nogal bijzonder. Ze is groot en van niemand bang. Ook niet van de gluiperds van makelaar Ibaco die hun huis in het bos willen kopen. Als Tessa gewond raakt nadat een BMW bewust op hen inreed, gooit haar moeder een steen door de achterruit. Dan wordt het tijd dat ze bewijzen gaan verzamelen om de waarheid boven tafel te krijgen. Tessa mag mee in de auto als opa en Jossy een bezoek aan Ibaco gaan brengen. Lees het volgende fragment voor: vanaf blz. 79 (Doe geen domme dingen!) tot en met blz. 81 (Met een verbrijzelde achterruit). - Ze verdenken bedrijf Ibaco maar hebben bewijzen nodig voor de politie. Gaat dat lukken denk je? - En zo ja, hoe dan? (Antwoord: fotos nemen van de BMW met verbrijzelde achterruit zie: blz.95-96) Voorlezen In het boek Kukel is nogal wat bij elkaar verzonnen. Inhoud: Kukel kan absoluut niet zingen. Dat is niet erg maar het is wel vervelend als je het broertje bent van de beroemde zeven zingende zussen. Zij vinden Kukel een onhandige sloddervos en besteden weinig aandacht aan hem. Zijn eenzaamheid is groot en het enige wat hem overeind houdt, zijn zn dromen. Kukel droomt bij voorkeur over de koningin van zijn land. En dat hij eigenlijk haar Verloren Zoon is. Als Kukel de kans krijgt om een cadeau te worden voor de koningin, aarzelt hij dan ook geen moment. Lees het volgende fragment voor: vanaf blz. 55 onderaan (Wat gaan jullie doen? vroeg Kukel.) tot en met blz. 58 (Ik kan schijnen). - Kukel maakte van zichzelf een schemerlamp om als cadeau naar de koningin te kunnen. Denk je dat dat waar gebeurd is? Verwerking Laat alle kinderen bedenken wat ze zelf zouden willen zijn als ze als cadeau ongemerkt naar de koningin zouden kunnen komen. Hun idee, waar of niet waar, kunnen ze opschrijven, tekenen of knutselen. Dit kan individueel of in groepjes uitgewerkt worden. Afsluiting Vertel hoe het Leesprogramma verloopt in de komende tijd en laat de leerlingen een boek uitzoeken. Op de boekentafel liggen verhalende, informatieve en pozietitels die bij het thema Waar gebeurd? Alle kinderen krijgen een persoonlijke deelnemerspas waarop ze vijf stickers kunnen verzamelen door boeken te lezen. Controleer met een vraag of de kinderen het boek gelezen hebben. Bijvoorbeeld: Hoe weet je dat dit verhaal waar gebeurd is of zou kunnen zijn? Vraag af en toe een kind voor de klas te vertellen over het boek wat hij/zij leest of net heeft gelezen. Tijdens gesprekken in de klas merken kinderen welke boeken ze nog willen lezen. Alle kinderen kiezen nu hun eerste boek voor het Leesprogramma. Introductieles voor groep 7 / 8 Door Paul Vierboom Benodigde tijd: 75 minuten Plaats: school of bibliotheek Door wie: leerkracht of bibliothecaris Benodigdheden - Willem Wilmink, We zien wel wat het wordt (J 788.2) of Verzamelde liedjes en gedichten (J 877). Daaruit het gedicht: Een kop die je zelf niet bevalt. - Mirjam Oldenhave, Donna Lisa (B) - Jacques Vriens, Achtste-groepers huilen niet (B) - Zlata Filipovic, Het dagboek van Zlata (C) - Francine Oomen, Hoe overleef ik mij vakantie (B) Programma In dit Leesprogramma lezen we verhalen en gedichten die echt gebeurd zijn of kunnen zijn. Misschien twijfel je af en toe of het wel echt kan. Werkelijkheid en fantasie komen dan wel heel dicht bij elkaar. Daarom staat er achter de titel Waar gebeurd? ook een vraagteken. Voorlezen Lees het gedicht Een kop die je zelf niet bevalt van Willem Wilmink voor. - Staar je ook wel eens in de spiegel? Ben je dan tevreden hoe je er uitziet? - Zou je dingen willen veranderen? Wat? In het laatste couplet van dit gedicht staan de regels: Maar ik zag zoveel prachtige hoofden/ met nooit eens een prachtig idee. - Heb jij wel eens een goed idee? Je fantasie, originaliteit en creativiteit ben je daar zelf tevreden mee? Vertel eens! Voorlezen Lees voor uit Donna Lisa van Mirjam Oldenhave. Inhoud: Donna en Lisa zijn goede vriendinnen. Ze geven elkaar gekke opdrachten. Zo moet Donna een piercing door haar wenkbrauw laten zetten en Lisa moet verkering vragen aan de stomste jongen van de klas, Tonnie Beusink. Hoor maar hoe dat gaat. Voorlezen: blz. 17 t/m 21. - De vader van Lisa zegt: Over sommige dingen mag je nu eenmaal geen grapjes maken. Lisa vindt het een gemene opdracht. Wat vind jij? - Is dit leuk of gemeen? Voorlezen Lees voor uit Achtste-groepers huilen niet van Jacques Vriens. Inhoud: Akkie moet met haar vader en moeder naar het ziekenhuis. Dokter Snor zal ze iets vertellen over een onderzoek dat bij Akkie is gedaan. Dit verhaal gaat over de harde werkelijkheid en is waar gebeurd. Ook kinderen worden weleens ernstig ziek. Schrijver Jacques Vriens maakte dit mee toen hij nog voor de klas stond. Voorlezen, hoofdstuk 4 Oncodinges, blz. 37 t/m 44 (Akkie stond op en zei nors: Achtste-groepers huilen niet.). - Ken je deze harde werkelijkheid van dichtbij? Heb je wel eens meegemaakt dat een kind ernstig ziek werd of een ongeluk kreeg. Kun je daar over vertellen? - Akki wil graag weten hoe het met haar is. Op bladzijde 41 vraagt ze: Ga je daar dood aan?. Zou jij precies willen weten hoe het met je was of vind je het moeilijk om daarover te praten? Praat je thuis wel eens over moeilijke onderwerpen zoals: ziekte, dood, echtscheiding, ruzie in de familie? Met wie kun je het beste over deze onderwerpen praten? Voorlezen Lees voor uit Het dagboek van Zlata van Zlata Filipovic. Inhoud: Zlata woont in 1991 in Sarajevo (voormalig Joegoslavi). Ze geniet van haar jeugd. Zlata heeft een dagboek dat ze Mimmy noemt. Mimmy is haar beste vriendin. Dan breekt de oorlog uit en verandert Sarajevo in een hel. Ze schrijft over de angst, wanhoop en verdriet van een kind in oorlogstijd. Haar werkelijkheid verandert langzaam in een waar gebeurde oorlog. Voorlezen: blz. 42 (Zaterdag 2/5/2026) t/m blz. 44). - Heb jij in je leven gebeurtenissen meegemaakt die je leven erg veranderden? Welke? - Zou jij een plek weten waar je in tijd van oorlog naartoe zou gaan? - Met wie zou je daar heen willen gaan? Voorlezen Lees voor uit Hoe overleef ik mijn vakantie? van Francine Oomen. Inhoud: Jonas en Rosa zijn met hun ouders op vakantie op het eiland Corsica. Ze vervelen zich al snel en vertrekken stiekem voor een wandeltocht. Voorlezen: blz. 31 (Ruzie) t/m blz. 35. - Rosa en Jonas zijn verdwaald. Heb jij dat wel eens meegemaakt? Hoe kwam het en waar gebeurde het? Hoe ben je weer terechtgekomen. - Wat zou je meenemen als jij zon wandeltocht ging maken op een onbekend eiland? Afsluiting Op de boekentafel liggen verhalende, informatieve en pozietitels die bij het thema Waar gebeurd? Alle kinderen krijgen een persoonlijke deelnemerspas waarop ze vijf stickers kunnen verzamelen door boeken te lezen. U controleert met een vraag of de kinderen het boek gelezen hebben. Bijvoorbeeld: Hoe weet je dat dit verhaal waar gebeurd is of zou kunnen zijn? Vraag af en toe een kind voor de klas te vertellen over het boek wat hij/zij leest of net heeft gelezen. Tijdens gesprekken in de klas merken kinderen welke boeken ze nog willen lezen. Alle kinderen kiezen nu hun eerste boek voor het Leesprogramma. U sluit af met een liedje, liefst Nederlands. Dit kan eventueel meegezongen worden als u over de tekst beschikt. Misschien heeft u nog een sprekend of favoriet videofragment bij dit thema. Dit kan ook als afsluiting dienen. oS T   8 9 : G H K L p q r    . / 2 3 b c d jOJQJUhjOJQJUhj2UjUjUjUjU5j=U0JjU jU6 OJQJh=mn3'( !  I 0 / [\j  - . 1 2 ` a b XYZef\jDSkEMQg de36jUCJOJQJh5j7UjUjU0JjfU jU OJQJhjOJQJUh0JOJQJhCCDTjkCENPQ>  deE!##%|%F&G&((6(A(()+,,,1--...(13JrxT c !,!|!!!!$2$|%}%%&&!&"&E&F&G&6(?(")9)**,,..../000p1y1+393.4=44477c9d99999999:: < <<<=<><a<b<c<d<<<<<<<56 OJQJhj UjL U5OJQJh50JjU jU6O(1o1p1z12*3+3:33466u7G8[9999;d<e<<<<<<<S=T=^=<<T=^===??A#A-A0A1AAA!B0B$C)CDDDDDEEEEFFFFGGGGGHH I5IKKKKKjMtMMMNNP(P6PPQ(Q7QQQRR SS7SESXScSTU^UYY$Y3Y>YYY[\[_p______``'`:`X`s`6CJOJQJh56 OJQJh5\^=====5>>>??? @AA#A1A2AAAA B!B0BBBBBC#C$C$C)CWDDDDDDEEEEEE$F_FFFFFFFFbGGGGGGHHHHI I5IJKKKKKiMjMtMMMMM>NZNNNNNOPP(P;P;PyJyPyn|y|w}}Gg܀#BՁ5<FXc]*8B $@ "7ύ 6mH sH mH sH CJOJQJh5 OJQJh6T}i7jj4kklllFnn{o?p@pKp1q2q=qqsstt"t5t6tTt{t|tttttXuYucuuuuuwmx3y4y>yn{{m|n|y|v}w}}}MFGgz{{ۀ܀ځ:<FWXc%*i    GA Ñ#0P. A!"Q#$%=DyK yK http://www.nblc.nl/showfile/showfile.asp?file=517Voorbeeld_handboek_persbericht.doc&DOC=doc&DOCType=0DyK sanders@nblc.nlyK .mailto:sanders@nblc.nlDyK _De_materialenDyK _Aankleding_van_deDyK _Introductie_van_hetDyK  _Algemene_verwerkingssuggestiesDyK _Suggesties_bij_afzonderlijkeDyK _Introductieles_voor_groepDyK _Introductieles_voor_groep_1DyK _Introductieles_voor_groep_2DyK _Introductieles_voor_groep_3DyK yK rhttp://www.nblc.nl/projecten/show.asp?PRO_ID=77&DEP_ID=3DyK yK fhttp://www.biblion.nl/producten/leesprogr2003.html[DyK yK http://www.hetklokhuis.nl/lees/dossiers/read/dossier_pagina.cfm?did=78EA0D30%2D6C76%2D4332%2D85FB105BA2EAB197&pnr=10DyK yK `http://www.leesplein.nl/page.php?id=39&plein=KBDyK yK Hhttp://home.hetnet.nl/~janinevriens i:@: StandaardCJ_HmHsHtH8@8 Kop 1@&5OJQJhtHu00 Kop 2$@& 6OJQJ,, Kop 3$@&5CJDA@D Standaardalinea-lettertypeVRV Platte tekst inspringen 2 ^OJQJ6%@6 AfzenderOJQJhtHu.U@. Hyperlink >*B*ph>V@!> GevolgdeHyperlink >*B* ph  "& "& "& "& "& "& "& "& "& "& "& "& "& X%u3=EMU:`myxio w h mn3'( !I0/ [ \ j CDTjkCENPQ>  deE!|!F"G"$$6$A$$%'(((1))***(-o-p-z-.*/+/://022u3G4[55557d8e8888888S9T9^999995:::;;; <==#=1=2==== >!>0>>>>>?#?$?)?W@@@@@@AAAAAA$B_BBBBBBBBbCCCCCCDDDE E5EFGGGGGiIjItIIIII>JZJJJJJKLL(L;LunwwmxnxyxvywyyyM{|F|G|g|z|{||||||}}}~:~<~F~WXc%*i   GA Í0000000000000( 0( 0( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( ( y0yyyyyyy0y0yyyy00###########################0#0###0##018181818181818 9 9f9f9f9f9f9f9T;T;T;T;T;T;T;T;=========>>>@@@@NANAiAiAiAiAiABBBBBBBBBBDDDDDDDDDD6I6IIIIIIIJJJKKKKLLLLLLLMMMNNNNNNOOOOOOO Q Q Q Q Q Q Q Q Q Q Q Q Q Q Q Q Q Q Q QWWWWWWWWW[[[[[[[[[l\w\w\w\w\w\w\``````````hhhhh l llllll0ooooIpIpIpIp&q&q&qqqqquuuu;x;xDyDyDyDyDy|||||||||||| ~ ~%%%%%%؂؂؂؂؂ֆֆֆֆֆaaaa0 3<s`KNQSZ(1^=$CH;P'T^}it{ LOPRTUVWXY[\]^MS9GKq.2c - 1 a  Y e |!"!"c555 8=8a8XXXXXXXXXXXXXXXXt _Hlt21512070 _Hlt21512071 _Hlt21512153 _Hlt21512303 _Hlt21512323_De_materialen_Aankleding_van_de_Introductie_van_het _Hlt21511174 _Hlt21511175_Algemene_verwerkingssuggesties _Hlt21511350 _Hlt21511351 _Hlt21511401 _Hlt21511402 _Hlt21511458 _Hlt21511459_Suggesties_bij_afzonderlijke_Introductieles_voor_groep_Introductieles_voor_groep_1_Introductieles_voor_groep_2_Introductieles_voor_groep_3=y\ ""$5555L8L8e8N[pG|@@@@@@ @ @ @ @@@@>z\ ""$5555M8M8e8N[pG|SryHK/2. 1  f j q K X | m37?DEJzTc.34>|4 = > C E K ##$$>%B%C%J%7&;&U&]&a&e&&&&&&&!('(}********++++++,,,",,,,,..?0E000002!22 333c556666667777 8>8a8b8888888888879;9,<0<==2=7===@@@@@@AA@AHAVAYAAAAAAACCGGGGcHiHHHHIJJJKLLL'LMMGOLOMOVO[OcOOPRR6U>U1[B[I[Q[R[X[[[[[[[)\1\2\9\;\B\`\d\e\q\\\\\``````aa[bbbbbjczcdddd&f5fgghhhhhhhhmm'p'p+p,p,p-pppppDrKrrrrrssssssttXx[x||}}}}}}}}}}}}}}}~ ~~~~>BNWjn&,-4x|Â$4ELMS]bӃ؃9@Y`aḡф27<ABKUZLJ̇ԇهŠOTv x  $`b37jkopT V w"{"$$&&**,,l-n-.... ////00335566:::;BBDDFFJJJLLL$M&MPNRNRR%U)UXX\\|____``a aeehhiimn"p4p5t8twwww?zFzI}K}b}e}9@CFcg]a SHK/2. 1  f 6$A$c5555 8b8'p'p+p-pvan der PennenFC:\windows\TEMP\AutoHerstel-versie van Leesprogramma2003definitief.asdvan der PennenFC:\windows\TEMP\AutoHerstel-versie van Leesprogramma2003definitief.asdvan der Pennen"A:\Leesprogramma2003definitief.docNBLC0340]C:\Documents and Settings\Hottenhuis\Bureaublad\leesprogramma\Leesprogramma2003definitief.docNBLC0340SC:\Documents and Settings\Hottenhuis\Bureaublad\leesprogramma\Leesprogramma2003.docNBLC0340WC:\Documents and Settings\Hottenhuis\Bureaublad\leesprogramma\Leesprogramma2003test.docNBLC0340WC:\Documents and Settings\Hottenhuis\Bureaublad\leesprogramma\Leesprogramma2003test.docNBLC0340SC:\Documents and Settings\Hottenhuis\Bureaublad\leesprogramma\Leesprogramma2003.docNBLC0340EC:\Documents and Settings\Hottenhuis\Bureaublad\Leesprogramma2003.docNBLC0340EC:\Documents and Settings\Hottenhuis\Bureaublad\Leesprogramma2003.doc7KTw&bK@;~[P`6&oiPwz\@ hh^h`OJQJo(?^`?o( hh^h`OJQJo( hh^h`OJQJo(-^`OJPJQJ^Jo(- ^`OJQJo(o pp^p`OJQJo( @ @ ^@ `OJQJo( ^`OJQJo(o ^`OJQJo( ^`OJQJo( ^`OJQJo(o PP^P`OJQJo( hh^h`OJQJo( ?^`?OJQJo(&oi;~[PK@7wzKTw&@,p,p<8,p+pP@UnknownGz Times New Roman5Symbol3& z Arial?5 z Courier New;Wingdings"1[k&[k&#jOs ; !>0-2Wat is het Leesprogrammavan der PennenNBLC0340Oh+'0  8 D P \hpxWat is het Leesprogramma0at van der Pennenpan Normal  NBLC0340enn2LCMicrosoft Word 9.0r@F#@Pk@L8os@L8os Os՜.+,D՜.+,|8 hp  privew;- Wat is het LeesprogrammaWat is het Leesprogramma TitelTitle 8@ _PID_HLINKSA`<%-$http://home.hetnet.nl/~janinevriens&a*0http://www.leesplein.nl/page.php?id=39&plein=KBq'uhttp://www.hetklokhuis.nl/lees/dossiers/read/dossier_pagina.cfm?did=78EA0D30%2D6C76%2D4332%2D85FB105BA2EAB197&pnr=10je$3http://www.biblion.nl/producten/leesprogr2003.html@!9http://www.nblc.nl/projecten/show.asp?PRO_ID=77&DEP_ID=3<z_Introductieles_voor_groep_3<{_Introductieles_voor_groep_2<x_Introductieles_voor_groep_1cI_Introductieles_voor_groep:_Suggesties_bij_afzonderlijkeIT _Algemene_verwerkingssuggesties) _Introductie_van_hetBm _Aankleding_van_deUT_De_materialen)mailto:sanders@nblc.nl**fhttp://www.nblc.nl/showfile/showfile.asp?file=517Voorbeeld_handboek_persbericht.doc&DOC=doc&DOCType=0  !"#$%&'()*+,-./0123456789:;<=>?@ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTUVWXYZ[\]^_abcdefgijklmnopqrstuvwxyz{|}~Root Entry F`)tsData `1Tableh JWordDocument%SummaryInformation(DocumentSummaryInformation8CompObjjObjectPool`)ts`)ts  FMicrosoft Word-document MSWordDocWord.Document.89q